
10 June 2026
Terwijl het Belgische woningpark veroudert en de klimaatuitdagingen steeds urgenter worden, onthult een unieke studie van Belfius, uitgevoerd door Profacts, een verrassende realiteit: ondanks een groot bewustzijn van de energie-uitdagingen blijft renovatie het “stiefkindje” van de prioriteiten van de Belg, die liever… reist of een auto koopt. Tussen stress door het onbekende, technische complexiteit en budgettaire keuzes analyseert Raphaël D’Ostuni, Partnerships Wonen & Renovatie bij Belfius Bank, dit complexe fenomeen.
In België is wonen veel meer dan een dak boven je hoofd: het is een belangrijke bouwsteen van je vermogen. Bijna 7 op de 10 Belgen zijn eigenaar van hun woning en voor 80% van hen vormt vastgoed de basis van hun financiële toekomst en pensioen. Toch is dat patrimonium kwetsbaar. Ongeveer 73% van de woningen in ons land is ouder dan twintig jaar en werd niet gebouwd volgens de huidige normen voor energieprestaties. Bovendien legt de Europese Unie energetische renovaties op om tegen 2050 een emissievrij woningpark te realiseren.
Je zou dus verwachten dat Belgen massaal investeren in isolatiewerken. Maar dat blijkt niet het geval.
De studie legt bloot wat Raphaël D’Ostuni, Partnerships Wonen & Renovatie bij Belfius Bank, een “sterke paradox” noemt.
“Enerzijds maken Belgen zich zorgen: meer dan de helft (52%) vreest de toekomstige energiekosten en 6 op de 10 zijn bang dat een slechte EPC-score hun woning in waarde doet dalen. Anderzijds komt renovatie pas op de vierde plaats wanneer we hen vragen naar hun toekomstplannen.”
Voordat ze denken aan nieuwe ramen of een nieuwe verwarmingsketel, geven Belgen voorrang aan reizen, nieuwe meubels of de aankoop van een wagen. Raphaël D’Ostuni analyseert dat verschil helder:
“Het is veel eenvoudiger om een reis te plannen dan een renovatieproject op te starten dat potentieel heel lang en erg complex is. Je gaat naar ChatGPT en zegt: ‘Ik wil naar Thailand’, en je krijgt meteen antwoorden. Maar ‘Ik wil mijn woning renoveren’, dat is een heel ander verhaal.”
Renoveren wordt vaak gezien als een zwaar traject, terwijl consumptieve uitgaven onmiddellijke voldoening bieden zonder veel obstakels.
Waarom aarzelen zoveel mensen? Niet omdat er geen interesse is, maar omdat renovatie wordt ervaren als een intrinsiek stressvolle onderneming. Voor 3 op de 4 Belgen is renoveren een belangrijke bron van stress.
Die angst steunt op drie grote onzekerheden die de studie identificeert.
Eerst en vooral is er de budgettaire onzekerheid: 53% van de renovaties overschrijdt het oorspronkelijke budget, vaak met 10 tot 20%. Eén eigenaar op vijf ziet zijn kosten zelfs met meer dan 20% stijgen.
Daarnaast is er de zoektocht naar betrouwbare aannemers. Zo zegt 60% van de Belgen moeite te hebben om betrouwbare vakmensen te vinden.
Tot slot is er de technische en administratieve complexiteit. Tussen de keuze van oplossingen (warmtepomp, buitenisolatie, EPC) en de coördinatie van verschillende aannemers lijkt het renovatietraject vaak op een doolhof of een echte hindernissenbaan.
“We merken dat er inderdaad veel onzekerheid bestaat bij de start van een project: onzekerheid over het budget, over het vinden van aannemers en over de vraag of de werken zonder problemen zullen worden afgerond,” benadrukt Raphaël D’Ostuni.
In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, ligt de grootste drempel niet altijd bij de toegang tot krediet. De studie onthult een opvallend cijfer: 70% van de Belgen financiert renovatiewerken volledig of gedeeltelijk met eigen middelen.
Veel mensen spreken liever hun spaargeld aan dan een extra lening af te sluiten, vaak uit voorzichtigheid of omdat ze al een hypothecaire lening lopen hebben.
Toch vraagt renoveren vaak een aanzienlijke investering. Het gemiddelde renovatiebudget ligt doorgaans tussen 25.000 en 50.000 euro. Belgische eigenaars financieren die werken dan ook voornamelijk met eigen spaargeld. Daarnaast maakt een belangrijke groep (ongeveer 40%) gebruik van een krediet, meestal in de vorm van een hypothecaire lening of een specifieke renovatielening.
Die aanpak als “goede huisvader” gaat echter vaak gepaard met een gebrek aan realisme. Hoewel 82% van de eigenaars ervan overtuigd is zijn budget onder controle te hebben, blijkt meer dan de helft zich onderweg te misrekenen. Vooral jongeren tussen 25 en 34 jaar worden getroffen: drie op de vier overschrijden hun oorspronkelijke budget.
“Iedereen denkt zijn budget te kennen. De helft vergist zich,” vat het studierapport samen.
Toch verandert de mentaliteit duidelijk wanneer het gaat over de groene waarde van woningen. Het EPC-certificaat wordt niet langer gezien als een louter administratieve verplichting, maar steeds meer als een echte indicator van de marktwaarde van een woning.
Zo beseft 80% van de eigenaars vandaag dat het EPC een rechtstreekse impact heeft op de waarde van hun vastgoed.
“Die boodschap is ondertussen doorgedrongen,” bevestigt Raphaël D’Ostuni. “We beginnen de link te leggen tussen energieprestaties, duurzaamheid van de woning en de impact daarvan op de waarde.”
Toch blijft de technische kennis beperkt: meer dan de helft van de eigenaars kent de exacte EPC-score van zijn eigen woning niet.
De Belfius-studie toont bovendien aan dat onze renovatieprioriteiten sterk verschillen naargelang de levensfase waarin we ons bevinden.
Jongeren tussen 25 en 34 jaar kopen vaak hun eerste woning en willen er zo snel mogelijk in wonen. Zij focussen op het essentiële: de woning functioneel maken en tegelijk de energiefactuur onder controle houden.
Mensen tussen 35 en 55 jaar beschikken doorgaans over een stabielere carrière en meer financiële ruimte. Zij leggen de nadruk op comfort en esthetiek. Het is de periode van nieuwe keukens, moderne badkamers en uitbreidingen.
Bij de 55-plussers ligt de focus meer op de voorbereiding van het pensioen. In deze leeftijdsgroep is de aandacht voor energetische renovatie het grootst. Voor meer dan 80% van hen is dit de absolute prioriteit.
De verklaring van Raphaël D’Ostuni is duidelijk:
“Je bereidt je pensioen voor. Je wil ervoor zorgen dat je woning haar waarde behoudt en dat je energiefacturen onder controle blijven zolang je nog inkomsten hebt.”
En welke werken krijgen de voorkeur? Wanneer eigenaars effectief renoveren, richten ze zich vooral op ingrepen die het comfort verbeteren (57%) en de energiefactuur verlagen (78%).
De top drie van energetische renovaties bestaat uit dakwerken en isolatie, gevolgd door het vervangen van deuren en ramen. Zonnepanelen vervolledigen het podium, met 25 tot 31% van de respondenten die deze investering opnemen in hun renovatieplannen.
De conclusie van de studie is glashelder: het probleem is niet langer waarom je zou renoveren, maar hoe.
Om de Belgische renovatiemarkt in beweging te krijgen en de klimaatdoelstellingen te halen, volstaat motivatie alleen niet meer. Vertrouwen moet worden hersteld.
Vanuit die visie heeft Belfius een aanpak ontwikkeld die verder gaat dan louter financiering. De bank werkt samen met experts die eigenaars begeleiden tijdens het volledige renovatietraject, onder meer via Scone, een digitale tool die het budget van een energetische renovatie nauwkeurig inschat, en ImmoPass, een dienst waarbij onafhankelijke architecten technische audits uitvoeren om prioriteiten vast te leggen en verborgen gebreken op te sporen.
Tot slot bevindt de Belgische renovatiemarkt zich op een kantelpunt. Enerzijds is er een duidelijke bereidheid om te investeren in woningen, vooral op het vlak van energie en comfort. Anderzijds worden nog te veel renovatieprojecten uitgesteld door stress, onzekerheid, een gebrek aan kennis en onvoldoende transparantie.
De studie bevestigt dat de grootste uitdaging vandaag niet de motivatie is, maar wel de uitvoering van renovatieprojecten. Belgen hebben nood aan duidelijkheid, begeleiding en vertrouwen om effectief de stap te zetten. Tussen droom en realiteit staan budget, planning en onzekerheid. Renovatie eenvoudiger maken, betekent Belgen helpen om eindelijk de sprong te wagen.