
Steeds meer Vlaamse gemeenten controleren of huurwoningen op hun grondgebied wel voldoen aan de minimale kwaliteitseisen. Het aantal controles in opdracht van lokale besturen is in vijf jaar meer dan verdubbeld, meldt De Tijd op basis van gegevens van het agentschap Wonen in Vlaanderen.
In 2015 legden twaalf Vlaamse gemeenten een verplicht conformiteitsattest op voor huurwoningen op hun grondgebied. Met dat attest moet een verhuurder aantonen dat het pand effectief voldoet aan de minimale woonkwaliteitseisen. Vorig jaar was dat aantal al vertienvoudigd, tot 120 gemeenten. De verplichting leidt tot steeds meer controles. Zo verdubbelde het aantal woningcontroles in opdracht van lokale besturen in vijf jaar van 21.580 tot 44.177.
Ook het aantal hercontroles piekte in 2025. Andere redenen om te controleren zijn bijvoorbeeld de verhuur door een sociale woonmaatschappij, de klacht van een huurder, een aanvraag voor huursubsidie of een tweede opinie. De afgelopen jaren bleek zowat de helft van de gecontroleerde woningen niet in orde.
Wanneer een pand ernstige gebreken vertoont, krijgt het geen conformiteitsattest en mag het niet langer verhuurd worden. Naar schatting 17 procent van alle huurwoningen in Vlaanderen beschikte eind 2025 over een conformiteitsattest. De meest vastgestelde inbreuk is de afwezigheid van rookmelders in het gebouw, gevolgd door een risico op elektrocutie en problemen met trappen, overlopen of borstweringen.
Het toenemende aantal controles leidt tot steeds meer woningen die ongeschikt of onbewoonbaar worden verklaard. Vorig jaar ging het om bijna 5.000 gevallen. Eind 2025 telde Vlaanderen een recordaantal van 12.088 woningen die ongeschikt of onbewoonbaar verklaard waren.