
te koop
Statbel, het Belgische statistiekbureau, publiceert de woningprijzen voor het eerste semester van 2026. De cijfers zijn gebaseerd op de verkoopakten die bij de FOD Financiën werden geregistreerd.
De mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg in België 285.000 euro. Voor een huis in open bebouwing betaalde men 402.400 euro. Appartementen hadden een mediaanprijs van 257.000 euro.
De woningprijzen stegen daarmee opnieuw ten opzichte van het eerste semester van 2025. Vooral huizen in open bebouwing werden duurder.
Er zijn ook duidelijke regionale verschillen. Het Waals Gewest blijft het goedkoopste gewest, terwijl het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de hoogste woningprijzen kent. Vlaanderen bevindt zich tussen beide in.
In het eerste semester van 2026 bedroeg de Belgische mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing 285.000 euro. Dat is een stijging van 1,8% tegenover dezelfde periode in 2025. In 2024 bedroeg de mediaanprijs nog 260.000 euro, waarna die in 2025 steeg tot 280.000 euro.
Huizen in open bebouwing werden in 2026 verkocht tegen een mediaanprijs van 402.400 euro. Dat is 4,5% meer dan in 2025, toen de mediaanprijs 385.000 euro bedroeg. In 2024 was dat nog 367.500 euro.
Ook appartementen werden duurder. Hun mediaanprijs steeg van 240.000 euro in het eerste semester van 2024 naar 249.000 euro in 2025 en 257.000 euro in 2026. Op jaarbasis betekent dat een stijging van 3,2%.
Het Waals Gewest was in het eerste semester van 2026 het goedkoopste gewest voor alle drie de woningtypes.
De mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg er 195.000 euro. Dat is evenveel als in het eerste semester van 2025. In 2024 lag de mediaanprijs nog op 175.000 euro.
Voor een huis in open bebouwing betaalde men in Wallonië 331.000 euro, een stijging van 1,8% tegenover 2025. Twee jaar eerder bedroeg de mediaanprijs 295.000 euro.
Ook appartementen werden duurder. De mediaanprijs steeg van 175.000 euro in 2024 naar 190.000 euro in 2025 en 195.000 euro in 2026. Dat komt neer op een jaarlijkse stijging van 2,6%.
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was in het eerste semester van 2026 het duurste gewest voor alle woningtypes.
De mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing bedroeg er 550.000 euro. Dat is een stijging van 10% tegenover 2025, toen de mediaanprijs 500.000 euro bedroeg. In 2024 lag die nog op 483.141 euro.
Voor huizen in open bebouwing liep de mediaanprijs op tot 1.230.000 euro. Dat is maar liefst 26,2% meer dan in 2025, toen de mediaanprijs 975.000 euro bedroeg. In 2024 lag die nog op 1.100.000 euro.
Appartementen kostten in Brussel een mediaanprijs van 275.000 euro. Dat is 3,8% meer dan in 2025 (265.000 euro) en 5,8% meer dan in 2024 (260.000 euro).
In het Vlaams Gewest bedroeg de mediaanprijs voor een huis in gesloten of halfopen bebouwing 325.000 euro. Dat is een stijging van 3,2% tegenover het eerste semester van 2025, toen de mediaanprijs 315.000 euro bedroeg. In 2024 lag die nog op 299.000 euro.
Voor een huis in open bebouwing betaalde men in Vlaanderen 449.000 euro. Dat is 5,6% meer dan in 2025 (425.000 euro) en 9,5% meer dan in 2024 (410.000 euro).
Ook appartementen werden duurder. Hun mediaanprijs steeg van 248.000 euro in 2024 naar 255.000 euro in 2025 en 268.000 euro in 2026. Op jaarbasis betekent dat een stijging van 5,1%.
Ook binnen de gewesten lopen de woningprijzen sterk uiteen.
In Vlaanderen was Vlaams-Brabant in het eerste semester van 2026 de duurste provincie voor huizen in gesloten of halfopen bebouwing en voor appartementen. De mediaanprijs bedroeg er respectievelijk 378.500 en 295.000 euro.
Voor huizen in open bebouwing was Vlaams-Brabant, samen met Antwerpen, de duurste provincie. De mediaanprijs bedroeg er 490.000 euro.
West-Vlaanderen was de goedkoopste Vlaamse provincie voor huizen in gesloten of halfopen bebouwing, met een mediaanprijs van 277.250 euro. Voor huizen in open bebouwing en appartementen was Limburg het goedkoopst. Daar bedroegen de mediaanprijzen respectievelijk 363.500 en 250.000 euro.
In Wallonië was Waals-Brabant de duurste provincie. De mediaanprijs bedroeg er 355.000 euro voor huizen in gesloten of halfopen bebouwing, 510.000 euro voor huizen in open bebouwing en 270.000 euro voor appartementen.
Henegouwen was het goedkoopst voor huizen in gesloten of halfopen bebouwing en voor appartementen. Voor beide woningtypes bedroeg de mediaanprijs 170.000 euro. Wie een huis in open bebouwing kocht, betaalde het minst in de provincie Luxemburg, waar de mediaanprijs 296.750 euro bedroeg.
Ook op gemeentelijk niveau zijn de verschillen aanzienlijk. De onderstaande mediaanprijzen hebben betrekking op het eerste semester van 2026. Ze zijn gebaseerd op de verkoop van huizen in gesloten, halfopen of open bebouwing, tenzij anders vermeld.
In het Vlaams Gewest was Sint-Martens-Latem de duurste gemeente om een huis te kopen. De mediaanprijs bedroeg er 863.333 euro. Knokke-Heist volgde met 825.000 euro, vóór Kraainem (674.500 euro), Schilde (672.000 euro) en Wezembeek-Oppem (627.750 euro).
Ook Sint-Genesius-Rode (590.000 euro), Tervuren (585.000 euro), Overijse (558.500 euro), Keerbergen (554.000 euro) en Kalmthout (550.000 euro) behoorden tot de tien duurste Vlaamse gemeenten.
Aan de andere kant van de prijslijst stond Menen, waar de mediaanprijs voor een huis 199.100 euro bedroeg. Heuvelland volgde met 214.750 euro. In Ronse en Houthulst bedroeg de mediaanprijs telkens 230.000 euro. Izegem vervolledigde de top vijf van goedkoopste gemeenten met 236.100 euro.
Ook Wervik (240.000 euro), Geraardsbergen (249.000 euro), Harelbeke (249.000 euro), Heers (249.000 euro) en Poperinge (250.000 euro) behoorden tot de tien goedkoopste Vlaamse gemeenten.
In het Waals Gewest was Lasne de duurste gemeente voor huizen, met een mediaanprijs van 740.000 euro. Waterloo en Chaumont-Gistoux volgden met elk 560.000 euro.
In Rixensart en Terhulpen bedroeg de mediaanprijs 500.000 euro. Daarna volgden Ottignies-Louvain-la-Neuve (467.500 euro), Walhain (466.000 euro), Eigenbrakel en Chastre (elk 465.000 euro) en Waver (445.000 euro).
De goedkoopste huizen in Wallonië waren te vinden in Hastière, waar de mediaanprijs 110.000 euro bedroeg. In Erquelinnes was dat 130.000 euro en in Tellin 139.000 euro. Quaregnon (140.000 euro) en Viroinval (141.300 euro) vervolledigden de top vijf van goedkoopste gemeenten.
Ook in Froidchapelle (142.000 euro), Cerfontaine (144.000 euro), Frameries (145.000 euro), Quiévrain (146.250 euro) en Colfontaine (147.000 euro) lagen de mediaanprijzen onder 150.000 euro.
In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was Elsene de duurste gemeente voor huizen, met een mediaanprijs van 815.000 euro. Sint-Pieters-Woluwe volgde met 750.000 euro en Ukkel met 745.000 euro.
Ook in Sint-Lambrechts-Woluwe (660.000 euro) en Etterbeek (637.500 euro) lagen de mediaanprijzen hoog.
De goedkoopste huizen waren te vinden in Sint-Jans-Molenbeek, waar de mediaanprijs 318.000 euro bedroeg. In Anderlecht was dat 356.500 euro en in Ganshoren 394.500 euro. Jette (415.000 euro) en Sint-Agatha-Berchem (420.500 euro) vervolledigden de top vijf van goedkoopste Brusselse gemeenten.
Voor appartementen was Knokke-Heist de duurste Vlaamse gemeente. De mediaanprijs bedroeg er 615.000 euro. Dat is aanzienlijk meer dan in Destelbergen (420.000 euro) en Nazareth-De Pinte (416.000 euro).
Schilde (390.000 euro) en Wezembeek-Oppem (371.000 euro) vervolledigden de top vijf. Ook in Kraainem (370.500 euro), Herent (365.000 euro), Buggenhout (361.000 euro), Haacht (355.000 euro) en Zoersel (354.000 euro) lagen de mediaanprijzen relatief hoog.
Menen was de goedkoopste Vlaamse gemeente voor appartementen, met een mediaanprijs van 143.750 euro. In Izegem bedroeg die 166.000 euro en in Ronse 175.000 euro. Roeselare en Zelzate volgden met elk 180.000 euro.
Ook in Geraardsbergen en Oostrozebeke (elk 200.000 euro), Poperinge (205.000 euro), Zwevegem (207.000 euro) en Zottegem (209.000 euro) lagen de mediaanprijzen relatief laag.
In het Waals Gewest was Waterloo de duurste gemeente voor appartementen. De mediaanprijs bedroeg er 365.000 euro. Rixensart volgde met 320.000 euro en Genepiën met 302.500 euro.
In Gerpinnes bedroeg de mediaanprijs 300.000 euro en in Ottignies-Louvain-la-Neuve 295.000 euro. Ook Chaudfontaine (290.000 euro), Waver (270.000 euro), Eigenbrakel (269.000 euro), Aarlen (265.000 euro) en Tubeke (242.000 euro) behoorden tot de tien duurste gemeenten.
De goedkoopste appartementen waren te vinden in Châtelet, met een mediaanprijs van 122.500 euro. In Charleroi bedroeg die 125.000 euro en in La Louvière 145.500 euro.
Herstal (149.000 euro) en Durbuy (150.000 euro) vervolledigden de top vijf van goedkoopste gemeenten. Ook in Rochefort (152.450 euro), Verviers, Seraing en Sambreville (elk 165.000 euro) lagen de mediaanprijzen relatief laag. Bergen, Doornik en Ciney sloten de lijst af, met elk een mediaanprijs van 170.000 euro.
In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was Sint-Pieters-Woluwe de duurste gemeente voor appartementen, met een mediaanprijs van 400.000 euro. Elsene volgde met 350.000 euro en Sint-Lambrechts-Woluwe met 348.750 euro.
In Ukkel bedroeg de mediaanprijs 345.000 euro en in Oudergem 315.000 euro.
Anderlecht was de goedkoopste Brusselse gemeente voor appartementen, met een mediaanprijs van 199.000 euro. In Sint-Jans-Molenbeek bedroeg die 220.000 euro. Jette, Koekelberg en Sint-Agatha-Berchem volgden met elk 225.000 euro.