Artikel

Renovatiepremies Wallonië: nieuwe steun vanaf 1 oktober 2026

Vanaf 1 oktober 2026 verandert het Waalse systeem voor renovatiesteun grondig. Gedaan met premies die afzonderlijk per type werk worden berekend: het Gewest wil voortaan meer globale renovatieprojecten financieren, met voorrang voor de meest energieverslindende woningen. Leningen tot 75.000 euro, een vermindering van het terug te betalen bedrag tot 50%, een voorafgaande woningaudit en een verplichte sprong in het EPC-label: dit verandert er.

De datum was al langer aangekondigd. Nu zijn ook de definitieve voorwaarden bekend. Op 24 september keurde de Waalse regering het nieuwe steunregime voor renovaties definitief goed. Het treedt op 1 oktober 2026 in werking.

De filosofie achter het systeem verandert grondig. Wallonië wil niet langer in de eerste plaats een opeenvolging van afzonderlijke renovatiewerken ondersteunen, maar wil renovaties stimuleren die ambitieus genoeg zijn om de energieprestaties van een woning aanzienlijk te verbeteren.

Woningen met EPC-label E, F en G eerst aan de beurt

Het nieuwe systeem richt zich prioritair op woningen met de slechtste energieprestaties.

Om bij een energetische renovatie in aanmerking te komen voor gewestelijke steun, moeten de werken ervoor zorgen dat:

  • een woning met EPC-label G of F minstens label D bereikt, wat overeenkomt met een specifiek energieverbruik van maximaal 340 kWh/m² per jaar;
  • een woning met EPC-label E minstens label C bereikt, wat overeenkomt met een specifiek energieverbruik van maximaal 255 kWh/m² per jaar.

Er zijn wel uitzonderingen mogelijk wanneer kan worden aangetoond dat het vereiste niveau om technische, functionele of economische redenen niet haalbaar is.

Die keuze is niet toevallig. Het Waalse woningbestand blijft bijzonder energieverslindend. Volgens de recentste beschikbare cijfers van de Waalse overheidsdienst had 24,9% van de woningen waarvoor EPC-gegevens beschikbaar waren in 2024 nog label G en 13,6% label F. Slechts 1,2% behaalde label A, A+ of A++.

Premies maken plaats voor ondersteunde leningen

Dit is wellicht de meest zichtbare verandering voor eigenaars. De gewestelijke steun zal voortaan rond twee leningen worden opgebouwd: de Rénopack en de Rénoprêt.

De Rénopack is bedoeld voor eigenaars uit de eerste drie inkomenscategorieën, C1, C2 en C3. Het gaat om een renteloze lening, gecombineerd met een vermindering van een deel van het terug te betalen kapitaal. Die vermindering neemt in de praktijk dus de rol van de vroegere premie over.

Om ervoor in aanmerking te komen, moet je onder meer een zakelijk recht op de woning hebben en je ertoe verbinden om de woning uiterlijk binnen 24 maanden na de toekenning van de lening zelf te bewonen. Eigenaars van meerdere woningen komen niet in aanmerking voor de Rénopack.

De Rénoprêt richt zich onder meer op gezinnen uit categorie C4, maar ook op verhuurders en verenigingen van mede-eigenaars. De rente bedraagt in bepaalde specifieke gevallen 0% of ligt onder de marktrente. Het exacte tarief hangt af van het profiel van de aanvrager, het inkomen en de aard van de werken.

Tot 50% minder terugbetalen

Hoe groot de steun is, hangt rechtstreeks af van het inkomen van je gezin.

Om de inkomenscategorie te bepalen, wordt per persoon ten laste 5.000 euro van het belastbaar inkomen afgetrokken. De maximale percentages omvatten een bijkomende verhoging van 5% wanneer je ecologische bouwmaterialen gebruikt.

Voor een gezin in categorie C1 dat ecologische bouwmaterialen gebruikt, kan de vermindering dus oplopen tot 50% van de toegekende steun. Zonder de verhoging voor ecologische materialen bedraagt het maximum 45%.

Tot 75.000 euro om een woning te renoveren

Een andere belangrijke verandering: het maximale bedrag dat je voor een eengezinswoning kunt lenen, stijgt van 60.000 naar 75.000 euro.

Die verhoging past in de nieuwe filosofie van het systeem. Omdat je voortaan een aanzienlijke verbetering van het EPC moet nastreven, zullen de ondersteunde renovatieprojecten vaak omvangrijker zijn.

Dak- of muurisolatie, nieuwe ramen, een verwarmingssysteem, werken om de veiligheid of gezondheid van de woning te verbeteren… verschillende ingrepen kunnen voortaan binnen één project worden samengebracht.

Belangrijk is vooral dat de steun niet langer voor elke ingreep afzonderlijk wordt bepaald. Het renovatieproject wordt als één geheel bekeken.

Dat is een van de belangrijkste verschillen met de vroegere premiestelsels: het Gewest wil een coherent renovatietraject stimuleren in plaats van een opeenstapeling van kleinere werken die los van elkaar worden uitgevoerd.

De woningaudit wordt het vertrekpunt

Voor je aan de werken begint, moet je dus eerst je woning als geheel laten bekijken.

Een voorafgaande woningaudit moet de energieprestaties van je woning bepalen, eventuele problemen op het vlak van veiligheid en gezondheid identificeren en vooral vastleggen welke werken nodig zijn om het beoogde nieuwe EPC-label te bereiken.

Goed nieuws: ook de kosten van die audit kunnen in de financiering worden opgenomen.

Let wel op de datum van de audit. Het auditrapport mag op het moment dat je je aanvraag indient maximaal één jaar oud zijn of moet in het jaar vóór de aanvraag zijn geactualiseerd.

Voor gezinnen uit categorie C1 die niet over een voldoende recente audit beschikken, geldt een uitzondering. Onder bepaalde voorwaarden kan het energielabel worden geraamd tijdens de expertise van de kredietverstrekker. Die mogelijkheid bestaat ook wanneer je een Rénopack tegelijk met een Accesspack aanvraagt.

Ook voor appartementen

Het nieuwe systeem geldt niet alleen voor eigenaars van huizen.

Voor werken in de privatieve delen van een appartement kan de financiering via een Rénopack of Rénoprêt oplopen tot 60.000 euro per woning.

Ook mede-eigendommen krijgen een specifiek mechanisme voor werken aan de gemeenschappelijke delen.

Een vereniging van mede-eigenaars kan een renteloze Rénoprêt krijgen van maximaal 60.000 euro per woning, met een algemeen plafond van:

  • 600.000 euro voor een mede-eigendom met minder dan 20 kavels;
  • 750.000 euro voor een mede-eigendom met minstens 20 kavels.

In dat geval moeten de werken gebaseerd zijn op een specifieke audit van het appartementsgebouw en de aanbevelingen uit die audit volgen.

Opgelet: het budget is niet onbeperkt

Wie renovatieplannen heeft, moet ook rekening houden met een andere belangrijke verandering. Het nieuwe systeem werkt met een gesloten jaarlijks budget.

De instellingen die de leningen verstrekken, moeten dus binnen de middelen blijven die jaarlijks in de Waalse begroting worden voorzien. De regering wil het systeem daarmee financieel houdbaar maken, na de budgettaire problemen met de vroegere premiestelsels.

Dat betekent dat voldoen aan alle voorwaarden niet automatisch garandeert dat je onbeperkt financiering kunt krijgen. Elke aanvraag moet worden onderzocht en de kredietverstrekkers beschikken jaarlijks over een vastgelegde enveloppe.

En wat als je al met je renovatieproject bent begonnen?

1 oktober vormt een duidelijke scheidingslijn.

Het tijdelijke stelsel van de Primes Habitation 2025, dat na de hervorming van februari 2025 werd ingevoerd, loopt af op 30 september 2026. Voor sommige mensen die vóór de wijzigingen van februari 2025 al met een renovatieproject waren begonnen, gelden wel specifieke overgangsmaatregelen.

De Waalse regering heeft die regels op 24 september nog aangepast na procedures voor de Raad van State. Sommige gezinnen kunnen daardoor onder bepaalde voorwaarden nog gebruikmaken van de vroegere regelingen en tot 30 september 2027 een aanvraag indienen. Het gaat wel om gerichte overgangsmaatregelen en niet om een algemene verlenging van de oude premies.

Voor een nieuw renovatieproject dat onder het regime vanaf 1 oktober valt, vormen de nieuwe Rénopack en Rénoprêt dus de referentie.

Waar kun je je aanvraag indienen?

Voor de uitvoering van het nieuwe systeem spelen onder meer de Société wallonne du Crédit social (SWCS) en het Fonds du Logement de Wallonie (FLW) een belangrijke rol. Daarnaast kun je terecht bij de Guichets Énergie Wallonie, de Espaces Wallonie en lokale platformen voor energetische renovatie.

De SWCS waarschuwt trouwens voor websites en onlineadvertenties die namen gebruiken die sterk lijken op die van de officiële steunmaatregelen. Alleen de SWCS en haar netwerk van erkende partners zijn bevoegd om een Rénopack of Rénoprêt toe te kennen.

Ook de begeleiding van renovatieprojecten moet geleidelijk worden uitgebreid. Op termijn komen er drie niveaus: algemene informatie, persoonlijke begeleiding om je renovatieproject voor te bereiden en te financieren en, voor bepaalde dossiers, een doorgedreven begeleiding die zelfs de opvolging van de werken kan omvatten.

Vanaf 1 januari 2028 moet die organisatie worden aangestuurd door het toekomstige Agence wallonne de l'Habitation.

Dit moet je onthouden voor je gaat renoveren

De hervorming verandert de logica van de Waalse renovatiesteun dus fundamenteel. 1 oktober 2026 betekent niet alleen dat er nieuwe bedragen gelden: Wallonië stapt over van een beleid van premies per afzonderlijk werk naar de financiering van globale renovatieprojecten.

Heb je een woning met EPC-label E, F of G? Dan wordt de belangrijkste vraag voortaan niet alleen: "Hoeveel steun kan ik krijgen om mijn dak te isoleren of mijn ramen te vervangen?", maar vooral: "Welke werken moet ik uitvoeren om het EPC van mijn woning voldoende te verbeteren?"

En precies daarom wordt de woningaudit de toegangspoort tot het nieuwe systeem.

Voor meer informatie vind je hier de twee belangrijkste officiële informatiebronnen: de voorstelling van het nieuwe systeem door Wallonië en de informatie van de Société wallonne du Crédit social.